Uit: Sax, Hogeschoolmagazine, Maart 2010

Mart Smeets, Frits Spits, Marco Borsato en Blöf. Als botte, humoristische huisdichter van De Wereld Draait Door heeft Dijkshoorn veel aan deze mannen gehad. De voormalige bibliotheekmedewerker brak in 1999 door met internetcolumns over Big Brother. Komische columns, verhalen, gedichten en grappen volgden. Voor retecool, Geenstijl, De volkskrant en Dit was het nieuws. Dankzij DWDD is Dijkshoorn ondertussen een zeer populaire schrijver/performer en publiceert hij in nog veel meer bladen (OOR, nu.nl, Hard Gras, dePers) en treedt hij veelvuldig op als schrijver (en muzikant). Dit dikke boek is een verzameling ironische teksten uit bovengenoemde tijdschriften. Gelukkig haalt Dijkshoorn zijn, ondertussen wat afgezaagde, DWDD-stokpaardjes maar zelden van stal. Ook is zijn stijl veelzijdiger dan je in eerste instantie zou denken. Natuurlijk zet hij mensen (BN’ers, maar ook hele bevolkingsgroepen) hartgrondig voor lul. Maar daarnaast telt het boek enkele serieuzere verhalen waarin je niet alleen Dijkshoorn van een mildere kant leert kennen, maar waarin je ook zijn kunnen als verhalenverteller en schrijver ontdekt. Het hoogtepunt is het lange verhaal over zijn voetballende tienerzoon die geselecteerd wordt voor de AZ-jeugd. Meelevend en invoelend kijkt vader toe en schrijft. Wat een softe zak is die Dijkshoorn eigenlijk! Mag ik dat zeggen, ja dat mag ik zeggen.
0 reacties:
Een reactie plaatsen